Het is mooi hier en erg rustig. Aan de achterkant de paarden in de wei en aan de voorkant de schapen en de lammetjes. Erg wennen hoeven we niet, daarvoor zijn we waarschijnlijk te kort weggeweest. Sommige dingen verbazen je eerst even omdat je wat anders gewent bent, maar daar ben je na een paar dagen wel weer vanaf. We hebben geluk gehad met het weer hoorden we. Wij vonden het wel koud maar klachten hierover werden snel weggewuifd door de overwinteraars hier in Nederland. De winter van '63 schijnt een lachertje geweest te zijn hebben we begrepen.
De kinderen hadden nog nooit gefietst, dus dat werd hoog tijd. Ze gaan als een speer en na een dag konden de zijwieltjes er al wel af volgens Sophie. Noa was wat terughoudender na een val in de brandnetels. De kinderen kunnen schommelen, aan touwen slingeren en boven ravotten wat ze willen.
We hebben weer een auto en zijn weer mobiel, bezoeken familie en bekenden en de tijd vliegt voorbij. De boot ligt ook uit te rusten en we gaan eens rustig bekijken hoe we haar hier weer naartoe kunnen varen. Een aantal opstappers heeft zich al aangeboden dus het zal zeker goed gaan.
| Noa is 5 geworden. |